N’attendons plus,
agissons
pour le climat!

Denk niet te laat
aan het klimaat!

Denk niet te laat aan het klimaat!

Klimaat is al jaren een wereldwijd probleem, maar steeds meer Belgen beginnen te beseffen dat het geen ver-van-ons-bed-show meer is

In 2019 leerden we het woord ‘klimaatspijbelen’ kennen toen Anuna De Wever en co één dag per – week de schoolbanken inruilden om langs ver schillende parlementen te trekken met de eis voor meer klimaatinspanningen. Door de uitbraak van Covid-19 werd de klimaatzaak echter naar de achtergrond verdreven, maar daarmee is het probleem niet opgelost.
De recente cijfers liegen er niet om: 2020 zal de warmste jaar geschiedenisboeken ingaan als het warmste jaar ooit in België sinds het begin van de waar- ooit in België nemingen. Daarnaast viel er vorig jaar ook minder neerslag dan normaal. Dat terwijl we recent de koudste aprilmaand in 35 jaar beleefden. Ons klimaat verandert en dat hebben ook de Belgische boeren geweten. Zij zagen vorig jaar hun gewassen en winst opdrogen. Het besef daagt dat droge zomers en natte winters een structurele gesel worden. Deze veranderingen zijn uiteraard ook merkbaar in DR Congo.

Cruciale rol van bosrijk Congo

Wereldwijd wordt er strijd geleverd tegen de klimaatveranderingen, maar sommige plaatsen DR Congo spelen hierin een belangrijkere rol en DR Congo staat hier op de eerste lijn. DR Congo bezit staat hier op de eerste lijn namelijk zo’n 150 miljoen hectare tropisch bos. Ze hebben na Brazilië de grootste oppervlakte tropisch woud in één land. De strijd tegen ontbossing is dus cruciaal voor het behoud van deze groene long.
Eind 2020 lanceerden we met steun van de Turing Foundation een project voor milieubescherming Foundation en biodiversiteit. Hiermee willen we mensen in de Congolese plattelandsgebieden bewust maken van het duurzaam gebruik van en mobiliseren rond het duurzaam gebruik van de natuurlijke rijkdommen en de impact van de klimaatverandering. Deze mobilisatie om de klimaatverandering lokale initiatieven ter bescherming van het milieu en de biodiversiteit te identificeren en uit te voeren, versterkt uiteraard de effecten van ons vijfjarenplan “Ensemble, avançons!”.
Ontbossing is niet alleen een enorme bedreiging voor mens en milieu, ook zo’n 400 lokale dier- en plantensoorten zijn bedreigd. Daarom is natuur- – behoud een belangrijke uitdaging voor elk duur zaam ontwikkelingsmodel. Met ons Natuurproject richten we ons op drie doelen:
Mobilisatie van de gemeenschap om haar bewust te maken van de bescherming van de biodiversiteit
Ondersteuning van plaatselijke initiatieven die bescherming van de gunstig zijn voor de bescherming van de biodiversiteit van planten en dieren biodiversiteit (plaatselijke soorten);
Identificatie, kapitalisatie en verspreiding van een praktische gids met technische adviezen voor praktische gids de bescherming van milieu en biodiversiteit.

Acties met globale impact

Het microproject rond de combinatie van verschillende woudsoorten van boerenorganisatie PALASA, krijgt bezoek van Aloïs Kuma, technisch adviseur van CONGODORPEN.
Zo richten we ons op herbebossing duurzaam landgebruik en een rationeel gebruik van natuurlijke hulpbronnen De lokale bevolking natuurlijke hulpbronnen verbetert zo niet alleen het milieu waarin zij leven, maar het project heeft ook een impact op hun voedselzekerheid en hun inkomen. Enkele voorlopige resultaten van dit project:

242 leden van plaatselijke ontwikkelingscomités – waren rechtstreeks betrokken bij 40 voorlichtings- en bewustmakingssessies waarbij zo’n 15.960 mensen werden bereikt.

224 microprojecten integreerden milieubescherming

7 lokale planten- en 6 diersoorten zijn door – de gemeenschappen geïdentificeerd en opgenomen in een actieplan om de biodiversiteit in stand te houden. biodiversiteit Plantensoorten: kolaboom (Cola acuminata), Terminalia Super, Ricinedendron, Borasus, Gilbertiodendron, Chlorophora Excelsa, Afromomum Melongeta Diersoorten: Clarias Lazera (ngolo), Ophiocephalus (mongusu), schildpad, Protopterus (paling), Heterotis Niloticus (congo ya sika), Mpoka.

De impact van onze acties heeft uiteraard niet alleen betrekking op de lokale bevolking in DR Congo, maar heeft betrekking op de hele wereld

PARTNERSTORIES

Net als wij zijn onze partners steeds in beweging. Zij werken samen met de gemeenschappen die hun ontwikkeling zelf in handen nemen en we vroegen hen naar enkele getuigenissen. Meer bepaald naar de milieuvriendelijke aanpak van hun organisaties

Joel Matenda Mbusu

Boer, tuinder en viskweker in Popokabaka en voorzitter van de vereniging AJCCP

Onze regering heeft evenveel aandacht voor de belabberde staat van de wegen als voor de bevolking van Popokabaka en omstreken! We worden aan ons lot overgelaten. Gelukkig zijn er NGO’s, zoals CONGODORPEN, die ons helpen.
Ik ben een verdediger van de natuur en de voedselzekerheid van mijn medeburgers. Van mei tot augustus, in het droge seizoen, verbouwen we kool, uien en selderij. Tijdens het regenseizoen verbouwen we amarant, wat ons zeer voedzame zaden oplevert. Al deze groenten kunnen de plaatselijke markt bevoorraden en de voedselvoorziening verzekeren, maar het gebrek aan mechanisatie en de toestand van de wegen bemoeilijken deze eenvoudige oefening. Om nog maar te zwijgen van het feit dat de toegang tot zaden niet echt gemakkelijk is.
Een andere uitdaging betreft onze visvijvers. Door het gebrek aan verbeterde rassen brengt het leeghalen van onze vijvers slechts ongeveer 500.000 Congolese frank (+/-250 euro) op, terwijl dit, als we betere vissoorten hadden, het dubbele zou kunnen opbrengen! Daarom wilde ik me bezighouden met het promoten van de productie en consumptie van lokale vissoorten. Dankzij de steun van CONGODORPEN ga ik mijn vijver bevoorraden met Ngolo vissen (Clarias Lazera), een plaatselijke variëteit die zeer gewaardeerd wordt door onze gemeenschap.
Op die manier draag ik mijn steentje bij tot de promotie van lokale variëteiten en tot het behoud van de natuur en de biodiversiteit van Popokabaka.

Joel Matenda Mbusu

Boer, tuinder en viskweker in Popokabaka en voorzitter van de vereniging AJCCP

Onze regering heeft evenveel aandacht voor de belabberde staat van de wegen als voor de bevolking van Popokabaka en omstreken! We worden aan ons lot overgelaten. Gelukkig zijn er NGO’s, zoals CONGODORPEN, die ons helpen.
Ik ben een verdediger van de natuur en de voedselzekerheid van mijn medeburgers. Van mei tot augustus, in het droge seizoen, verbouwen we kool, uien en selderij. Tijdens het regenseizoen verbouwen we amarant, wat ons zeer voedzame zaden oplevert. Al deze groenten kunnen de plaatselijke markt bevoorraden en de voedselvoorziening verzekeren, maar het gebrek aan mechanisatie en de toestand van de wegen bemoeilijken deze eenvoudige oefening. Om nog maar te zwijgen van het feit dat de toegang tot zaden niet echt gemakkelijk is.
Een andere uitdaging betreft onze visvijvers. Door het gebrek aan verbeterde rassen brengt het leeghalen van onze vijvers slechts ongeveer 500.000 Congolese frank (+/-250 euro) op, terwijl dit, als we betere vissoorten hadden, het dubbele zou kunnen opbrengen! Daarom wilde ik me bezighouden met het promoten van de productie en consumptie van lokale vissoorten. Dankzij de steun van CONGODORPEN ga ik mijn vijver bevoorraden met Ngolo vissen (Clarias Lazera), een plaatselijke variëteit die zeer gewaardeerd wordt door onze gemeenschap.
Op die manier draag ik mijn steentje bij tot de promotie van lokale variëteiten en tot het behoud van de natuur en de biodiversiteit van Popokabaka.

Faustin Kongbo

Voorzitter van de OP P Zangbingo in Tongu – Yakoma

De boerenorganisatie van Zangbingo is opgericht om in onze gemeenschap aanwezige boomsoorten en landbouwtechnieken te promoten.
Wij zijn begonnen met een kleine kwekerij die geselecteerde koffieplanten van goede kwaliteit leverde aan koffieboeren. Daarna wilden we uitbreiden naar andere plantensoorten zoals borasus of kolaboom. Deze laatste wordt ter plaatse zeer gewaardeerd en geconsumeerd en maakt ook deel uit van onze sociaal-culturele gewoonten. Helaas ontwikkelt geen enkel onderzoeksinstituut in de DRC (zelfs niet INERA – Nationaal instituut voor agronomische studies en onderzoek) deze zaden. Binnen onze gemeenschap hebben wij ons georganiseerd om dit zaad met een hoge biologische toegevoegde waarde te kweken. Tegenwoordig voorziet onze kwekerij vele huishoudens van deze snelgroeiende bossoort. De kolaboom is niet alleen een soort die bijdraagt tot het behoud van de biodiversiteit, maar is ook een uitstekende schaduwplant voor de koffiegewassen. Aan zijn voeten telen we momenteel ananassen trouwens. En dan hebben we het nog niet eens over het feit dat we tegenwoordig niet meer 100 km het bos in hoeven te trekken om de vruchten te oogsten, aangezien veel huishoudens ze nu in hun tuin hebben. We slaan hier twee vliegen in één klap… nou ja, meerdere!

Faustin Kongbo

Voorzitter van de OP P Zangbingo in Tongu – Yakoma

De boerenorganisatie van Zangbingo is opgericht om in onze gemeenschap aanwezige boomsoorten en landbouwtechnieken te promoten.
Wij zijn begonnen met een kleine kwekerij die geselecteerde koffieplanten van goede kwaliteit leverde aan koffieboeren. Daarna wilden we uitbreiden naar andere plantensoorten zoals borasus of kolaboom. Deze laatste wordt ter plaatse zeer gewaardeerd en geconsumeerd en maakt ook deel uit van onze sociaal-culturele gewoonten. Helaas ontwikkelt geen enkel onderzoeksinstituut in de DRC (zelfs niet INERA – Nationaal instituut voor agronomische studies en onderzoek) deze zaden. Binnen onze gemeenschap hebben wij ons georganiseerd om dit zaad met een hoge biologische toegevoegde waarde te kweken. Tegenwoordig voorziet onze kwekerij vele huishoudens van deze snelgroeiende bossoort. De kolaboom is niet alleen een soort die bijdraagt tot het behoud van de biodiversiteit, maar is ook een uitstekende schaduwplant voor de koffiegewassen. Aan zijn voeten telen we momenteel ananassen trouwens. En dan hebben we het nog niet eens over het feit dat we tegenwoordig niet meer 100 km het bos in hoeven te trekken om de vruchten te oogsten, aangezien veel huishoudens ze nu in hun tuin hebben. We slaan hier twee vliegen in één klap… nou ja, meerdere!

EEN EXPLOSIEF PARTNERBEZOEK BIJ RIKOLTO IN ZUID-KIVU

Afgelopen maand trok Najla, onze programmabeheerder, naar het oosten van de DR Congo om er kennis te maken met de ondersteunende activiteiten van de NGO Rikolto (het vroegere Vredeseilanden). Het doel? Het simuleren van uitwisselingen rond de structurering van boeren in coöperatieven tussen onze twee organisaties.

Samen met onze collega’s uit Kinshasa, Aloïs en Edouard, en de projectleiders van onze partners, Barnabé (CDI Bwamanda) en Jean-Claude (ADINE) ging Najla naar Zuid-Kivu, meer bepaald naar de vlakte van Ruzizi en het eiland Idjwi voor een partnerbezoek bij Rikolto.
De uitwisselingen waren zeer vruchtbaar, zowel voor de samenwerking tussen onze twee structuren, maar ook voor deze tussen de boeren van het oosten en het westen van DR Congo. Ons team kon ook ervaren dat de door Rikolto gesteunde rijstcoöperaties reeds zeer ver gevorderd zijn in hun structurering en verwerking van kwaliteitstafelrijst. Dankzij pelmachines werd het verwijderen van het kaf van de rijstkorrels geautomatiseerd. Er werd ook een kwaliteitslabel ‘Nyange Nyange’ ontwikkeld om deze lokale rijst op de nationale rijstmarkt te positioneren.
Op het eiland Idjwi ontmoette ons team de zeer dynamische koffiecoöperatie SCPNCK, die zich al bezighoudt met internationale export. Meteen ontstond de gedachte over hoe we de ‘Robusta’-koffietelers in het westen kunnen mobiliseren en verenigen met de ‘Arabica’-koffietelers in het oosten. Zo’n unie zou het Nationaal Netwerk van koffieproducenten van de DRC alleen maar versterken.

Van robusta in het westen tot arabica in het oosten, de DRC heeft een uitzonderlijk potentieel.

Najla Mulhondi

Omgekeerd merkten we dat de mobilisatie van de lokale bevolking bepaalde moeilijkheden ondervond. Ze waren dan ook zeer gemotiveerd om van CONGODORPEN alles te leren over onderlinge ziektekostenverzekering, maar ook de technieken van gemeenschapsmobilisatie rond eigen ontwikkeling en geletterdheid. De uitbarsting van de vulkaan Nyragongo is je waarschijnlijk ook niet ontgaan.
Deze eruptie had bij ons team bijna letterlijk roet in het eten gegooid en zorgde ervoor dat ze hun terugreis moesten wijzigen. Normaal vlogen ze via het zwaar getroffen Goma terug naar Kinshasa, maar bij aankomst in Goma konden ze niet naast de grote scheuren in het aardoppervlak kijken. De aardbevingen volgden elkaar in sneltempo op en waren uiteindelijk veel beangstigender dan de uitbarsting zelf.
In de ochtend van 27 mei werd ons team, na amper één dag in Goma, gewekt door het lokale evacuatiealarm. De hele stad stond in rep en roer, maar gelukkig kon ons team rekenen op de hulp van Rikolto.
Ze vertrokken samen met een voertuig naar Ghiseny, maar door de verzadiging van de wegen moesten ze halverwege te voet verder: iedereen was op weg naar de Rwandese grens.

Met de hulp van Rikolto werden ze naar de hoofdstad Kigali begeleid om van daaruit terug te reizen naar Kinshasa en België.
Niet alleen de vulkaan, maar ook de prijzen van de vliegtickets bleken geëxplodeerd te zijn.
Er werd geopteerd om even te wachten met de terugreis tot de situatie en vliegprijzen genormaliseerd waren.En geluk bij een ongeluk: hun verblijf in Kigali stelde ons team in staat Björn Macauter, de directeur van OVO, te ontmoeten en van gedachten te wisselen over de ondersteuning van rijst- en koffieproducenten in het westen van de DRC. Toevallig, he!